Stoppen met je bedrijf kan een goede keuze zijn. Soms is het zowel voor het bedrijf als voor de ondernemer beter om de zaak te verkopen. Bijvoorbeeld bij ziekte of ouderdom. Dan is het vaak zelfs noodzaak. Maar in veel gevallen is de reden om te stoppen veel positiever. De laatste transactie kan dan zelfs de beste blijken te zijn.
Bedrijfsadviseur Ton van Dooren geeft een aantal voorbeelden uit de praktijk*.
Creatief willen blijven
Een directeur van een mediabedrijf wilde zich vooral op creatief niveau ontplooien. Hij hield zich bezig met het bedenken en ontwikkelen van allerlei producten. Daarbij vergat hij dat hij verantwoordelijk was voor het reilen en zeilen van het hele bedrijf. Na een periode van bloei brak de paniek uit. Het personeel werd niet goed aangestuurd. Er waren te veel dubieuze debiteuren, waardoor financiële problemen dreigden. Het investeringsbeleid werd bepaald op de werkvloer en niet in de directiekamer. Kortom, de directeur had zijn organisatie niet meer onder controle.
Een externe adviseur overtuigde hem ervan dat het bedrijf toe was aan een herstructurering. In dat scenario zou de directeur weer gaan doen waar hij goed in was: producten bedenken en ontwikkelen, en trends in de markt bespelen. Een nieuwe partner zou de meer bedrijfsmatige taken overnemen.
Inmiddels is het bedrijf omgezet in een andere rechtsvorm. De creatief directeur heeft het grootste deel van de aandelen verkocht aan de nieuwe zakelijk leider. Zelf werkt hij nu als creatief adviseur voor 'zijn' oude bedrijf.
Geen manager willen worden
Met het aannemen van personeel tekent een ondernemer zowel voor de lusten als voor de lasten. De uitspraak 'ik wens je veel personeel toe' is dan ook ironisch bedoeld. Eerst was je alleen bezig met het oplossen van je eigen problemen. Nu komen die van het personeel erbij. Het begint al met: hoe krijg ik ze? Het tweede probleem: hoe houd ik ze? En wat te doen bij ziekte? Wat te doen met een medewerker die van de Arbo-dienst weer aan de slag moet?
De verstikkende regelgeving waaraan je je als ondernemer steeds meer dient te houden, maakt het er niet makkelijker op. Denk maar aan de Wet Reïntegratie en de Wet Poortwachters die per 1 april is ingegaan.
Dit alles kan op den duur een te zware belasting vormen. De stress van het managen overheerst dan de lol van het ondernemen. Een goede ondernemer is tenslotte niet per definitie ook een goede People Manager en/of Operational Manager. Er zijn steeds meer ondernemers die daar achter komen en het ook durven toegeven aan zichzelf en hun omgeving. Ze verkopen het bedrijf. Sommigen beginnen opnieuw. Maar dan zonder personeel...
Sleur willen voorkomen
Een ondernemer vertelde na de succesvolle verkoop van zijn bedrijf: "ik ben de afgelopen 25 jaar langzaam doodgegaan". Het ondernemen was voor hem één grote sleur geworden. Een borrel op zijn tijd hield hem op de been. En de goede verdiensten waren de enige motivatie om ermee door te gaan. Zijn excuus: "Ach, ik wist niet beter".
Dat zal de moderne ondernemer toch niet snel overkomen. De nieuwe generatie is vaak hoog opgeleid en veel zelfstandiger. Ze hebben daardoor meer mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Wordt het werk als zelfstandig ondernemer een sleur? Dan kies je toch weer iets anders! De huidige jonge ondernemer is vooral op zoek naar nieuwe uitdagingen en redeneert: "Ik kan altijd nog in loondienst gaan werken."
Van het leven willen genieten
Vroeger konden ondernemers het zich het niet altijd permitteren om (op tijd) te stoppen. Dat is nu anders. Er wordt veel meer verdiend. Soms zelfs zoveel dat ondernemers al op jonge leeftijd de schaapjes op het droge hebben. Denk maar aan de kersverse internetmiljonairs van een paar jaar geleden.
Bovendien zorgen de vele fiscale constructies, pensioenregelingen en goede advisering doorgaans al voor een financiële reserve. De mentaliteit is: wie nu leeft, die nu zorgt. Het schrikbeeld van een schamel loontje op 65-jarige leeftijd is achterhaald. Nederland is bij uitstek een land waar de pensioenopbouw erg goed is geregeld.
Daarbij komt: in het huidige zap-tijdperk zijn er voldoende mogelijkheden om iets nieuws te gaan doen. Een ondernemer die jarenlang een software bedrijf had en vooral aan ziekenhuizen leverde, stond dag-in-dag-uit in de file. Dit maakte het onmogelijk zijn klanten (op tijd) te bereiken. Hij besloot te stoppen met de zaak en stak zijn tijd in het verbouwen van een varkensstal tot een prachtige villa. Van de opbrengst van zijn bedrijf en deze villa gaat hij binnenkort een prachtige toekomst tegemoet... in Australië.
Een ander bedrijf beginnen
Stel, je bent 38 jaar en hebt een goedlopende zaak. Er komt steeds meer personeel bij. De hoeveelheid tijd en aandacht voor de klant neemt af naarmate het bedrijf groeit. Alles draait om de omzet. Van het oorspronkelijk idealisme blijft op den duur weinig over. Dat is behoorlijk demotiverend. Je wilt tenslotte niet louter 'dozenverkoper' zijn. Het contact met de klant vind je uiteindelijk belangrijker dan het financiële succes. Dan is het wellicht een goed idee om te verkopen en het vizier op een andere markt richten. Waar je weer klein kunt beginnen of zelfs blijven.
Of om eerst even iets heel anders te doen. Zo verkocht een echtpaar hun keten van tien zaken in Nederland en ging genieten in Spanje. Na twee jaar genieten had het echtpaar, beiden 35 jaar jong, genoeg van de boot, de villa en een tweede huis in Andorra. Inmiddels hebben ze een grote winkelketen in doe-het-zelf producten in Spanje. Als het ondernemen je eenmaal in het bloed zit....
Ontdekken dat je geen ondernemersbloed hebt
Wie een goed idee heeft, is nog geen goede ondernemer. Een voorbeeld. Een ondernemer gelooft in een nieuw concept. Een nieuwe formule. Vol enthousiasme start hij een eigen bedrijf met een investering van enkele tonnen. Maar dan lopen, zoals zo vaak gebeurt, de investeringen uit de hand. De formule slaat onvoldoende aan. De crediteuren beginnen ongeduldig te worden. De druk loopt op. Ondernemen leek spannend, maar dit gaat te ver. Hij krijgt het niet in de vingers, ziet er als een berg tegenop. Het liefst zou hij zich gaan bezighouden met zijn grote hobby, mountainbiken. Zo snel mogelijk wil hij van het bedrijf af. Een extra financiering op de eigen woning stelt hem in staat om aan zijn verplichtingen te voldoen. Bergen bedwingen per fiets blijkt toch echt beter bij hem te passen.
Stoppen met je bedrijf betekent niet dat je als ondernemer faalt. Het betekent dat je stilstaat bij je eigen ontwikkeling en die van je bedrijf. En dat je daar je keuzes op baseert. Dat is gezond. Zo ben je waarschijnlijk ook je bedrijf gestart. Door goed na te denken over wat er bij je past en of dit echt is wat je wilt. Wat de voors en tegens zijn. Stoppen is eigenlijk net starten. Een kwestie van denken, durven en doen.
* Een eerdere versie van dit artikel verscheen in Ben aan het werk, nr. 7/ 2002
Even lezen
Val niet in de kuilen